‘Ik zie alsmaar meer van het veld’

Toen Johan Cruijff dat zei, ging het niet over zicht in de klassieke zin.

Het ging over overzicht. Over voelen waar het spel zich ontwikkelt — nog vóór het zichtbaar wordt.

Cruijff was voor mij nooit alleen voetballer of trainer. Hij was een denker in beweging.

Iemand die het veld niet zag als lijnen en posities, maar als een geheel van relaties, timing en richting.

En misschien is dat precies wat wij in de behandelkamer ook tegenkomen.

Er is wat we zien:

een gewricht
een beperking
een klacht

Maar daaronder is er iets anders:

een veld van spanning en ontspanning
van compensatie en afstemming
van beweging die zich nog moet tonen

Soms vragen mensen me:

“Denk je dat dit de juiste aanpak is?”

En net als op een voetbalveld, is het antwoord zelden een analyse.

Het is een vorm van weten.

Niet bedacht. Niet berekend. Maar gezien in samenhang.

Cruijff noemde het spelinzicht. Baruch Spinoza zou het intuïtief weten noemen.

Voor mij is het hetzelfde veld.

Een veld waarin je niet alles controleert, maar waarin je leert kijken, wachten en bewegen op het juiste moment.

Misschien is dat wel de essentie van ons werk:

Niet beter leren ingrijpen, maar scherper leren zien wat zich aandient.

En daarop durven vertrouwen.