Toegepaste Veldfysiologie — een begrip dat ik steeds vaker gebruik.
In mijn werk als manuele therapeut (School van Utrecht) merkte ik al jaren dat wat werkelijk beweging brengt, niet begint bij techniek.
Het begint bij afstemming. Bij aanwezigheid. Bij hoe een lichaam luistert vóór het beweegt.
Steeds vaker gebruik ik daarvoor de term Toegepaste Veldfysiologie. Niet als nieuwe discipline, maar als een naam voor iets wat velen van ons al doen.
Bij haptonomen herken ik het in het contact en de bevestiging. Bij osteopaten in het luisteren naar het weefsel. Bij fysio- en kinesitherapeuten in het respect voor timing en dosering.
Toegepaste Veldfysiologie vertrekt van een eenvoudig uitgangspunt: het lichaam functioneert niet geïsoleerd, maar als een dynamisch veld — beïnvloed door relatie, aandacht en context. Het is geen alternatieve techniek. Het is een houding: hoe we aanwezig zijn, hoe we waarnemen, en wanneer we ingrijpen — of net niet.
In die zin is het misschien geen nieuwe weg, maar een nieuwe taal voor iets dat al bestond.
Van Hand naar Geest Academie — waar houding vóór techniek komt.